Spelling Woordbeeldtraining


Wat is dat... een woordbeeld?

Stel je moet als geoefende speller het woord ‘trein’ opschrijven en je zou twijfelen tussen de ei of ij. Ga bij jezelf na wat je dan zou doen? 

In de meeste gevallen zul je het geschreven woord in gedachten voor je zien, zodat je weet welke van de twee er 'raar' uitziet. Dat komt doordat je in je hoofd als het ware een beeld hebt gevormd van het goede woord: een visueel woordbeeld.

Door dit 'spiekbriefje' in je hoofd, zul je dit woord ook razendsnel kunnen herkennen in een tekst.

 

Wat als je als ongeoefende of zwakke lezer of schrijver moet kiezen tussen het woord trein-trijn? Veel kinderen ontwikkelen vanzelf visuele woordbeelden. Maar onze ervaring is dat kinderen die maar blijven worstelen met lezen en spelling niet vanzelf zo’n woordbeeld ontwikkelen. Zij blijven dan afhankelijk van de auditieve strategie die uitgaat van ‘ik schrijf wat ik hoor’, ook als het moeilijker wordt. Dat kost tijd en energie en het risico op fouten is groot.

Bovendien geeft de klank van een woord vaak onvoldoende informatie over de spelling. Want als je zou mogen schrijven wat je hoort, zijn al deze woorden goed: nigje, zach, leew, mooj, pieloot en boomen.

Zonder visueel woordbeeld (spiekbriefje in je hoofd) is het onmogelijk om te onthouden hoe je al die woorden dan wel moet schrijven.

 

Sommige kinderen hebben bij het horen van het woord ‘trein’ een heel sterk visueel beeld, maar niet van het woord alleen van de betekenis. Zij zien dus alleen dat plaatje van die trein en niet de schrijfwijze. Dit helpt natuurlijk ook niet met schrijven.

 

Kinderen die niet spontaan een visueel woordbeeld ontwikkelen ervaren langdurig (soms jaren!) veel keuze-stress als ze moeten schrijven, want trein – trijn is natuurlijk niet het enige probleem! Denk aan de keus tussen au-ou of ch-g, v-f of d-t. Voor veel kinderen is het op het gehoor onduidelijk waarom we familie met een f schrijven en vakantie met een v. Bijna net zo lastig is de keus in rand en kant.

 

Wat kunnen we doen?

 De opzet van Woordbeeldtrainer is dat met ongeveer 16 weken training een spellingsachterstand van een tot anderhalf jaar kan worden ingelopen.

 

Er wordt algemeen aangenomen dat de auditief-analytische spellingsmethode zoals die in vrijwel elke taalmethode op de basisschool is terug te vinden, de enige manier is om kinderen te leren spellen. Juist het tegendeel blijkt in de praktijk waar. Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat leerlingen met spellingsproblemen moeite hebben met het toepassen van deze spellingsregels. Heel veel kinderen kunnen niet overweg met deze manier van werken, met al zijn regeltjes en uitzonderingen. 

 

WoordBeeldTrainer is een programma dat woordbeeld (visueel) en klankbeeld (auditief) in een programma aan elkaar koppelt, waarbij het woord verankerd wordt in het geheugen. Woordbeeldtrainer pakt het heel anders aan en is gebaseerd op een aantal wetenschappelijke inzichten:

  • Spiegelneuronen zorgen ervoor dat wij vaardigheden kunnen opdoen door imitatie. Dat geldt voor wat wij zien en horen.
  • We zijn in staat een mentaal beeld te vormen van klankbeeld en woordbeeld.
  • Die beelden kunnen wij ons los van elkaar, maar ook gecombineerd mentaal voorstellen.
  • Deze mentale beelden kunnen wij opslaan in het geheugen.
  • Kinderen ontwikkelen zich vanaf denken in beelden naar taligheid.
  • Soms heeft een van deze twee sterk de overhand en is er sprake van een disharmonisch model: performaal-verbaal kloof.
  • De verwerkingssnelheid van auditieve en visuele informatie kan sterk uiteenlopen en kan per kind sterk verschillen. Dit is onderzocht bij een grote groep dyslectische kinderen.
  • Kinderen hebben een voorkeur om of auditief, of visueel of motorisch te leren

In de Woordbeeldtraining worden deze inzichten gecombineerd tot een unieke spellingmethode.  De methode werkt waar de standaard aanpak faalt. Niet goed leren spellen zit veel minder vaak “in het kind” dan gedacht wordt!